SHH
Blijf ons volgen, hier en op facebook met actuele informatie over huren en de belangen van huurders !
 
 
 
De huren van sociale huurwoningen zullen de komende jaren met gemiddeld maar één procent stijgen. Dat is veel minder dan nu. Huurders en verhuurders hebben dat met elkaar afgesproken, maar de politiek moet er nog wel zijn fiat aan geven.
 
De huren stegen de afgelopen jaren met gemiddeld 2,75 procent. Dat wordt nu beduidend lager, dankzij het akkoord dat Aedes, de vereniging van woningcorporaties, en de Woonbond, de huurders, hebben gesloten. Samen vertegenwoordigen zij bijna de volledige sociale huursector.
 
 
 
Beide partijen zijn zeer tevreden met het bereikte resultaat. "Dit is echt een historisch akkoord", vindt de voorzitter van de Woonbond Ronald Paping: "Voor het eerst in acht jaar hebben we een akkoord over het huurbeleid."
 
 
 
 
Volgens Marc Calon van de verhuurders biedt het akkoord meer kansen voor nieuwelingen op de woningmarkt: 'Er komt meer doorstroming, matiging van de huren, dit is gewoon goed voor de huurder in Nederland."
 
 
 
Om de huurverhoging binnen de perken te houden, moet de verhuurdersheffing verdwijnen, vinden de twee partijen. De corporaties betalen miljarden aan die heffing, een soort belasting voor sociale verhuurders, die weer wordt doorberekend in de huur. 
 
Het akkoord moet nog wel worden goedgekeurd door minister Blok en door de Tweede Kamer.
 
RTL Nieuws 04.06.2015
 
 
De afgelopen maand is bij veel huurders het voorstel voor de jaarlijkse huurverhoging op de mat gevallen. Voor het derde jaar op rij geldt de inkomensafhankelijke huurverhoging. Met de introductie van deze inkomensafhankelijke huurverhoging zijn de wettelijke regels erg ingewikkeld geworden.
 
De Woonbond heeft een online check op de website gepubliceerd, waar huurders kunnen controleren of de huurverhoging wel volgens de regels is. Wanneer dat niet het geval is kan het lonen om bezwaar te maken. In 2013 is de inkomensafhankelijke huurverhoging ingevoerd. Voor drie verschillende inkomensgroepen gelden daarbij andere maximumpercentages. Dit jaar zijn dat 2.5% voor inkomens tot € 34.229, 3% voor inkomens tussen € 34.229 en € 43.786 en 5% voor inkomens daarboven. Huurverhogingen boven de 2,5 procent zijn inkomensafhankelijk.
 
/ Om te bepalen in welke inkomenscategorie uw huishouden valt bekijkt de Belastingdienst wat de mensen die op uw adres zijn ingeschreven in 2013 aan (gezamenlijk) belastbaar inkomen hadden. Het inkomen over 2014 wordt niet in die bepaling betrokken. Op het moment dat de indicaties verstrekt worden zijn de belastingaangiftes over 2014 nog niet verwerkt, waardoor belastbare inkomens nog niet definitief vaststaan. Wanneer het huishoudinkomen niet klopt, of in de tussentijd is gewijzigd, dan kan dat invloed hebben op hoe hoog de huurverhoging maximaal kan zijn. Daarnaast mag de huurverhoging niet leiden tot een huurprijs die hoger is dan volgens het puntenstelsel voor huurwoningen is toegestaan, en moet het voorstel voor huurverhoging twee maanden voor de ingangsdatum verstuurd zijn.
 
Maak voor 1 juli bezwaar
 
Er zijn twee manieren om bezwaar te maken tegen de huurverhoging. Huurders kunnen schriftelijk, bezwaar maken bij de verhuurder. Gaat het om een huurverhoging per 1 juli dan moet de bezwaarbrief vóór 1 juli door de verhuurder zijn ontvangen. De verhuurder kan er dan voor kiezen de huurverhoging niet door te voeren en een ander voorstel doen. Gaat de verhuurder niet akkoord met het bezwaar, kan deze naar de huurcommissie stappen om uitspraak te doen. Bezwaar maken door alleen de huurverhoging niet te betalen kan ook. Huurders die betalen per automatische incasso moeten deze incasso dan tijdig aanpassen. Wanneer de huurder een bezwaarschrift stuurt naar de verhuurder, en de verhuurder wil de huurverhoging alsnog doorzetten, moet de verhuurder zelf naar de huurcommissie stappen. Wanneer een huurder geen bezwaar aantekent en de huurverhoging van 1 juli betaalt, dan is er na 1 juli niets meer aan te doen.
 
Herinneringsbrief
 
Huurders die geen bezwaarschrift indienen, maar de oude huurprijs zijn blijven betalen, moeten uiterlijk 3 maanden na de voorgestelde ingangsdatum een aangetekende brief krijgen van de verhuurder waarin hij vraagt alsnog akkoord te gaan met de huurverhoging. Gaat de huurder nog steeds niet akkoord met de verhoging, dan moet de huurder naar de huurcommissie stappen. Dit moet uiterlijk 4 maanden na de voorgestelde ingangsdatum.
 
Hulp bij bezwaar maken
 
Huurders die benieuwd zijn of ze met succes bezwaar kunnen maken tegen de huurverhoging, kunnen de check doen. Met vragen over bezwaar maken, kunnen huurders telefonisch advies vragen bij de Huurderslijn van de Woonbond (020-5517755). Daarvoor moet u wel lid zijn of worden van de Woonbond. Lid worden kan bij het telefoongesprek of via de website van de woonbond.
 
Zie ook
 
Controleer uw huurverhogingsvoorstel  site De Woonbond 07.05.2015
 
Het ministerie van Binnenlandse Zaken, de Woonbond, Aedes en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) stellen onder begeleiding van adviesbureau Companen een Handreiking Prestatieafspraken op. Deze handleiding helpt huurders, verhuurders en gemeenten bij het inrichten van de prestatieafspraken nieuwe stijl.
 
Met de nieuwe 'Woningwet 2015' veranderen ook de regels voor het maken van afspraken tussen woningcorporaties en gemeenten onderling.
 
/Vierjaarlijkse prestatieafspraken worden verplicht en in het proces moeten huurders worden betrokken. De nieuwe regels gaan per 1 juli 2015 in. Dit betekent overigens niet dat er dan (nieuwe) prestatieafspraken moeten liggen.
 
De handreiking geeft informatie en advies over het traject van prestatieafspraken, het tijdspad, de inhoud en de verantwoordelijkheden van de deelnemende partijen. De eerste versie van de leidraad wordt in juni 2015 gepresenteerd. Woonbond april 2015
 
 
Voor een meerderheid van de huurders dreigt de huur onbetaalbaar te worden. Dat blijkt uit het gisteren door de SP gepresenteerde rapport ‘Huur te Duur’.
 
SP-Kamerlid Sadet Karabulut eist van minister Blok dat hij de problemen van huurders snel serieus neemt. ‘Het water staat huurders tot aan de lippen. Dit onderzoek laat zien dat het roer nu om moet. De minister moet werk van maken van huurverlaging en de verhuurdersheffing stoppen.’
 
De helft van de huurders besteedt zelfs 35 tot 50 procent aan huur. Het Nibud hanteert de norm dat huurders met lage inkomens 20 procent van hun inkomen kwijt mogen zijn aan huur. Ook blijkt uit het SP-rapport dat de huurtoeslag niet altijd evenredig meestijgt met de huur, is huurverlaging bij inkomensachteruitgang onmogelijk en lopen mensen huurtoeslag mis door te hoge huurprijzen.
 
Schokkende verhalen
 
Karabulut: ‘De verhalen die op ons meldpunt binnen zijn gekomen zijn schokkend. Zo zijn er mensen die moeten kiezen tussen het halen van medicijnen of huur betalen. Dat is onacceptabel. Minister Blok en de gedoogpartijen moeten de gevolgen van hun beleid onder ogen zien. Dan kunnen ze niet anders dan nu kiezen voor meer investeringen in sociale woningen, een lagere huur en een toereikende huurtoeslag voor iedereen die dat nodig heeft.’
 
Zeer gematigd huurbeleid
 
De conclusies uit het SP-onderzoek sluiten naadloos aan bij de vele woonlastenonderzoeken die de laatste jaren zijn gepresenteerd en waaruit blijkt dat huren voor grote groepen onbetaabaar dreigt te worden. Uit onderzoek van de Woonbond bleek vorige maand nog dat het aanbod aan betaalbare huurwoningen nog maar 57 procent bedraagt. De rest wordt aangeboden tegen een huur boven ¼ 618.-. De Woonbond pleit daarom voor een zeer gematigd huurbeleid en structureel lagere huurverhoging.
 
Bron: Woonbond.nl 01.05.2015
Niet alleen vluchtelingen maar ook steeds meer andere groepen 'urgenten' krijgen voorrang op wachtlijsten van woningcorporaties. Het gaat onder meer om mensen met een psychiatrisch verleden en om ouderen. Die moeten van het kabinet vaker zelfstandig wonen, met begeleiding aan huis.
 
Dat blijkt uit een onderzoek van de NOS onder de bijna 400 Nederlandse woningcorporaties. De helft van de corporaties vulde de vragenlijst in.
 
Het NOS-onderzoek laat zien dat bij bijna een kwart van de woningcorporaties de wachttijden oplopen, in de meeste gevallen vanwege het stijgende aantal urgenten dat moet worden gehuisvest.
 
“En die stijging heeft dus zeker niet alleen met de komst van meer asielzoekers te maken”, zegt Esther Clason van Haag Wonen in Den Haag. “De nieuwe aanpak in de zorg speelt ook een rol; doordat ouderen langer thuis moeten blijven wonen, is er minder doorstroming. En die ouderen moeten soms plotseling van een etage naar een gelijkvloerse woning. Die mensen kun je natuurlijk niet laten wachten.”
 
Leeg verzorgingshuis
 
En dus proberen corporaties creatieve oplossingen te bedenken om de wachttijden te drukken, zodat bijvoorbeeld starters niet volledig kansloos worden voor een sociale huurwoning. De Zuid-Hollandse gemeente Lansingerland wil het mogelijk maken voor de lokale corporatie 3B Wonen om appartementen te bouwen in een leegstaand verzorgingshuis. Die zijn niet alleen voor vluchtelingen met een verblijfsstatus, maar ook voor starters die nu lang wachten op een sociale huurwoning. In Emmen gaan de gedachten van corporatie Domesta en de gemeente onder meer naar een school en naar een ggz-vleugel van een ziekenhuis die niet meer worden gebruikt.
 
De asielzoekers vormen inmiddels wel het grootste deel van de urgenten, zo blijkt uit het NOS-onderzoek: 56 procent dit jaar, tegen 40 procent in 2014. Probleem met hun huisvesting is volgens de corporaties dat die naar inwonertal over de gemeenten wordt verdeeld, maar dat daarbij niet wordt gekeken wat voor woningen er precies nodig zijn. Het scheelt uiteraard of er veel gezinnen met kinderen bij zijn of juist veel alleenstaanden, die allemaal een eigen appartement nodig hebben. “Die laatste categorie woningen hebben we hier bijna niet”, vertelt Els Beukeveld van Domesta in Emmen. 
 
Over de schutting
 
Voorzitter Marc Calon van Aedes, de koepel van corporaties, zegt in een reactie dat het kabinet wel heel veel problemen "over de schutting van gemeenten kiepert". Hij voorspelt dat de wachttijden voor een sociale huurwoning in de nabije toekomst om verschillende redenen alleen maar zullen toenemen.
 
Minister Blok voor Wonen laat weten dat de lange wachttijden op sommige plaatsen een probleem vormen, maar benadrukt dat hij een reeks maatregelen zal nemen of al heeft genomen die ervoor moeten zorgen dat er meer huizen bijkomen. 
 
Volgens Roland van Vliet, het Tweede Kamerlid dat vorig jaar de parlementaire enquête naar de corporaties leidde, kunnen ook woningcorporaties meer doen. Er zijn in zijn beleving genoeg corporaties die financieel de ruimte hebben of leningen kunnen sluiten waarmee zij extra kunnen bouwen.  
'Weinig klachten over voorrang vluchtelingen'
 
Woningscorporaties spreken eens in de zoveel tijd met gemeenten af wie een urgentieverklaring krijgt en wie niet. Er zijn ook corporaties die vrijwel niemand voorrang geven. Maar de meeste willen toch iets extra’s doen voor “kwetsbare mensen”, zoals één corporatie het in het NOS-onderzoek uitdrukt, omdat zij dat als hun kerntaak beschouwen.
 
Gevolg is dat sommige corporaties nauwelijks nog sociale huurwoningen met een relatief lage huur beschikbaar hebben voor ‘gewone’ woningzoekenden. Een voorbeeld is Woningstichting Vaals (Zuid-Limburg), waar dit jaar naar verwachting 83 procent van de vrijkomende huizen naar mensen gaat van wie het huis gesloopt is.
 
Bijna een derde van de corporaties in het NOS-onderzoek zegt klachten te krijgen over de urgentieverklaring rond erkende vluchtelingen. De overige zeggen dat ze geen klachten krijgen of geven geen antwoord op de vraag daarover. Andere groepen die voor een urgentieverklaring in aanmerking kunnen komen zijn:
 
- Asielzoekers met een verblijfsstatus
 
- Mensen met een medische indicatie
 
- Psychiatrische patiënten die uit een instelling komen
 
- Mensen die uit een blijf-van-mijn-lijfhuis komen
 
- Alleenstaanden met kinderen die na een scheiding veel minder geld hebben
 
- Ex-gevangenen
 
- Mensen die door brand zijn getroffen
 
- Andere groepen die de wethouder urgent verklaart, bijvoorbeeld gehandicapten als een instelling sluit.
 
Bijna een derde van de corporaties in het NOS-onderzoek zegt klachten dat ze krijgen over de urgentieverklaring rond erkende vluchtelingen. De overige zeggen geen klachten te krijgen of geven geen antwoord op de vraag daarover.NOS 14.04.2015